
Nice bleek een grote verrassing! We vertrokken vanuit Levanto met erg zonnig weer, dus dat beloofde al veel goeds. De weg er naartoe was al prachtig. De snelweg A8 moet vanwege de hoge bergen die thv Levanto nog dicht tegen de kust aanliggen achter de bergen liggen, even later verandert dat en ligt de weg pal tegen de kust aan waardoor we geregeld erg mooie uitzichten hadden op de Ligurische zee, en de prachtige plaatsen die eraan gelegen zijn. Wel een-en-al tunnel, ik werd af en toe gek van de zich snel opvolgende wisselingen licht/donker, zonnebril op, zonnebril af. Bij Genua stonden we helaas in een flinke file..en na een half uur doorrijden kwamen in de volgende. En vandaag geen files zoals eerdere waarbij het vaak nog stapvoets doorging..deze keer stonden we muurvast. Zo vast dat een meneer voor ons een plasje ging doen tegen de vangrail, in het midden van de weg. In Frankrijk aangekomen werd de weg nog mooier, en zagen we al snel de plaats Menton liggen, vlak voor Monaco (dat we jammer genoeg niet zagen liggen). Al heel snel daarna kwam Nice in zicht. De rit door de stad heeft heel wat gevloek opgeleverd..het is niet meer dan een wonder dat we hier heelhuids doorheen zijn gekomen, wat een ellende. Maar goed, daar kwam natuurlijk een eind aan toen we de steile helling opreden naar Villa Magdalena, onze volgende slaapplaats voor drie nachten.
Het bleek een klein studiootje te zijn, in een aan de buitenkant prachtige villa van een kunstenaarsechtpaar, midden in de stad, op 5 minuten lopen van de (jacht)haven. Een heel bijzonder echtpaar..met name zij (Nadia) was erg extravert, en een tikkeltje extravagant. Heel hartelijk ook. Hun kunstzinnigheid uitte zich in alles in en om het huis. Zij hebben het hele huis - ook de gastenverblijven - helemaal ingericht en opgemaakt met eigen werken, waarbij veel mozaïek, de specialiteit van manlief. Ook hun tuin, waar we ontbeten, was een groot kunstwerk. De tuin lag bezaaid met kleine stukjes mozaïek in alle kleuren, waar we dus gewoon overheen moesten lopen. Verder zat de tuin propvol met bemozaïekte beeldhouwwerken van hem. En tussendoor rende een piepklein schoothondje, en drie katten. Na het eerste onbijt krgen we nog een korte rondleiding in een aantal privé vertrekken die dienstdeden als gallery. Want niet alleen bleken zij zelf te exposeren, Villa Magdalena bood ook onderdak aan andere kunstenaars, uit alle windstreken.
De eerste middag via de haven naar de stad gelopen. De eerste aanblik van de haven is meteen een indrukwekkende. Zoveel absurd grote, dure jachten hebben we nog nooit gezien. Hier liggen ze keurig gerangschikt, de een nog flitsender en luxueuzer dan de ander, aangemeerd tegen de kade. Eromheengelopen kom je al snel bij de Middellandse zee uit..en dat is een enorm mooi gezicht zo in de blakende zon. Vooral door de combinatie met de stad Nice, die een kant van de zee omzoomt, precies zoals op de ansichtkaarten. Klein stuk van de stad wat verkend, info opgehaald bij de VVV en na een Pastis aan de Promenade des Anglais gaan eten. Het door Karen graag bezochte Keisuke Matsushima bleek helaas vol, maar we konden er wel nog een tafel reserveren voor zaterdagavond. Uiteindelijk terechtgekomen bij een Libanees restaurant aan de bekende Cours Saleya. Hier was het aanvankelijk lekker rustig, maar de tent liep alsnog goed vol. Dineren gaat in Nice tot diep in de avond door. Waarschijnlijk vanwege het weekend speelde er live muziek..een eenmansband die alle instrumenten uit zijn keyboard haalde. Had niet gehoeven, maar was wel grappig. Pas echt leuk werd het nadat hij na een uur het volume en de dynamiek flink opschroefde en er een heuse buikdanseres op het toneel verscheen. Ook hier weer een rustige opbouw, waarna ze na een half uur heupwiegen zich af en toe ging vertonen aan de verschillende tafels. Toen ze uiteindelijk bij onze tafel verscheen zat ze al bijna aan haar finale en ging ze helemaal los, waardoor ik bijkans een stel hupsende borsten in mijn gezicht kreeg gedrukt. De vette knipoog die ze Karen gaf maakte het geheel helaas iets minder spannend.. O ja, het eten, dat was heerlijk! We hadden een Mezze (een soort Libanese tapas) verschillende koude en warme gerechtjes.
Op dag twee hebben we de Nice Grand Tour gedaan. In andere steden heet die busrit meestal Hop-on Hop -off. Een open dubbeldekker rijdt een route door de stad, doet bekende plekken aan waarbij je de hele dag overal kunt uit- en instappen. Handig om een overzicht te krijgen, en daarna handig om als OV te gebruiken. Vanuit het bovendek van de bus is pas goed te zien dat een groot deel van Nice de Belle Époque uitstraalt. Vrijwel alle gebouwen zijn in deze stijl opgetrokken, prachtig. De stad telt ook veel parken, met een boel exotisch groen. En alles ziet er zo fris en mooi uit onder die strakblauwe lucht en die continu stralende zon. De promenade langs het strand kent weliswaar een hele drukke verkeersader, maar aangezien de promenade heel breed is aangelegd heb je daar nauwelijks last van, iets wat we wel hadden verwacht op basis van een aantal ervaringen die we gelezen hadden vantevoren.
Die middag hebben we ook het museum voor moderne kunst bezocht (MAMAC), heel apart gebouw, met een mooie collectie abstract werk van voornamelijk jaren 60. Bijzondere aandacht voor Klein, maar die blijkt dan ook van hier te zijn. Veel Amerikaans abstract expressionisme, dus dat zat wel goed. Niet de meest belangrijke werken, toch interessant genoeg.
's Avonds dus gaan eten bij de japanse chefkok die furore schijnt te maken aan de Côte d'Azur. Wat een geweldige ervaring was dat! Heel uniek, superbijzondere amuses..eigenlijk was alles om je vingers bij af te likken..maar dat was dan weer niet de bedoeling in deze toch wel modern/chique tent waar de obers zich volledig aan de Michelin criteria houden. En daarbij was het ook nog eens helemaal niet zo gek duur.
De laatste dag in Nice hebben we niet zoveel gedaan. 1. omdat de chauffeur geen trek had om het afschuwelijke verkeer van de stad weer te moeten trotseren 2. omdat Karen niet zo lekker was wegens flink wat geaccumuleerd slaapgebrek van de afgelopen nachten. 's Middags hebben we gebruik gemaakt van het bijna-gratis fietsverhuursysteem van de stad: Véloblue. Op tal van plekken in Nice zijn standplaatsen voor de blauwe fietsen, die je zomaar kunt pakken en gebruiken. Nou ja zomaar..je moet eerst wel een stevige registratieprocedure doorlopen, creditcardgegevens achterlaten, waarna je vervolgens met je mobiele telefoon bij ieder punt een fiets kunt nemen. Door het drukke en typisch mediterane verkeer van Nice hebben we uiteindelijk niet zoveel kilometers gemaakt, maar het was wel grappig om een stuk langs de zee te fietsen.
Verder hebben we die zondag Vieux Nice wat verder verkend, het Oude Nice, dat we nu eigenlijk op onze weg naar eten per toeval ontdekten. Bleek dat we heel veel interessante plekken helemaal hadden gemist de dagen ervoor. Die avond in dat oude deel van Nice Indiaas gegeten. Maar dat kunnen ze hier lang zo lekker niet maken als in Engeland, of zelfs bij ons.
Maandag leuk afscheid genomen van mevrouw Villa Magdalena, maar niet nadat ze Karen de naam had gegeven van een slaapmiddel dat zij zelf gebruikte. De rit vandaag ging naar Arles, maar we hebben een omleiding gepland naar Saint Paul de Vence, om toch nog een typisch Côte d'Azur plaatsje aan te doen. Daar aangekomen meteen de pilletjes voor Karen gekocht en het dorpje verkend. Erg mooi, barstensvol gallerietjes (het heet dan ook een kunstenaarsdorpje te zijn). Lekker een Pastis gedronken onder de platanen van het dorpscafé en daarna het magnifieke museum 'Fondation Maeght' bezocht. Subliem modernistisch gebouw (mijn favoriet!), met een ongekende hoeveelheid beelden in de diverse tuinen (heel veel Míro). Ook was er nu een heel groot deel van het museum gereserveerd voor beelden van Giacometti, een enorme verzameling prachtwerken. Karen had dit museum al vantevoren op haar verlanglijstje staan, en het werd ook nog eens geadviseerd door Joep van Podere Cerale. En terecht.
Maar goed, we moesten toch nog dik 2,5 uur rijden naar Arles, dus om een uur of 3 toch maar vertrokken..naar onze laatste bestemming :(
Foto's: http://www.flickr.com/photos/karenhendrix/sets/72157624957078978/
Tja..Levanto. Dit kan een kort stukje worden, wel zo makkelijk. We hadden namelijk niet zo'n fijne match met deze plaats. De start was al niet lekker: behoorlijk wat file, de TomTom die het hoteladres niet kende en daarbij kregen we ook met de eerste regen te maken! Het hotel hadden we uitendelijk makkelijk gevonden want lag aan de grote weg op weg naar Levanto. We hadden het plan opgevat om eventjes snel Levanto te bezoeken om daarna lekker te gaan eten in het hotelrestaurant, dat hoog zou zijn aangeschreven. Helaas: dinsdag's gesloten, en ook de woensdag zou het gesloten blijven ivm problemen met 'the cooker', aldus de receptioniste. Of ze daarmee het fornuis of de kok bedoelde, was ons toen nog niet duidelijk.
Goed, auto gepakt en 6 kilometer verderop, na een mooie afdaling, het mooi gelegen Levanto binnengereden, en geparkeerd pal aan de kust. De paar uurtjes die we er vervolgens hebben doorgebracht, bleken voor ons genoeg om er de komende dagen niet meer langs te hoeven gaan. Toch misschien een verkeerde keuze gemaakt? We zijn al niet van die kustmensen, en Levanto bleek - los van de pitoreske ligging - toch wel erg veel uit te stralen van vergane glorie, een hoop 'Valkenburg'-publiek en had verder überhaupt weinig interessants te bieden. In een supermarktje hebben we maar een hoop eetdingetjes gekocht voor een avondlijke broodmaaltijd. Want dat was dan weer fijn, we hadden een erg grote kamer, met koelkast en balkon.
Ach, we hadden Levanto ook niet per se uitgekozen op de plaats zelf, het doel van dit stuk van de reis was immers het Nationale Park Cinque Terre. Alleen..vanwege het slechte weer werd ons afgeraden dit woensdag te gaan bezoeken. Gelukkig waren de vooruitzichten voor de dag daarna wel beter. Dan maar een stad bezoeken. Lucca was al bekend van drie jaar geleden en vonden we erg mooi. Bovendien van hieruit (gek genoeg) een stuk sneller te berijden dan vanuit ons vorige adres in Toscane. Lang gezocht naar parkeerplek..het bleek een stuk drukker te zijn dan de vorige keer. Maar met het weer viel het uiteindelijk mee, na een paar buitjes was het de rest van de middag droog zodat we lekker hebben kunnen trampelen door het mooie Lucca. Gegeten, net als (en vanwege) de vorige keer, bij Baralla, net eventjes buiten de muren van het Amfi Teatro.Een kipsalade (ik) en Caprese (Karen) vooraf, en daarna allebei een lekkere, eenvoudige vleespasta gegeten. 's Avonds in het hotel de resten van de avond ervoor opgemaakt.
De dag daarna op tijd op pad voor Cinque Terre. Auto bij het treinstation van Levanto geparkeerd en daar de CT-card gekocht die recht geeft op parkbezoek en gratis treinen tussen de vijf dorpjes, de hele dag. In het begin van onze wandeling eventjes wat regen gehad, maar dat was snel voorbij waarna het de hele dag wel steeds gerommeld heeft, maar het wel droog bleef. Het is mogelijk om tussen (en in het achterland erboven) de dorpen te wandelen. Wij kozen voor 1 langere wandeling van dik anderhalf uur, en nog een kleintje, van 20 minuten. De rest hebben we met de trein gedaan. Erg mooi, Cinque Terre is extreem fotogeniek. Maar wel erg toeristisch, al viel dat me eigenlijk nog mee. De 5 dorpen zijn dan ook werelderfgoed, hier zal dus geen kermis van gemaakt mogen worden. Toch, de wandelpaden waren zelfs nu nog zo druk belopen dat we ons nauwelijks konden voorstellen dat het leuk zou zijn hier in juli en augustus te lopen. Nu was het al heel vaak wachten op tegenliggers op de smalle, steile en nu ook gladde paden.
Erg slecht was het vervoer tussen de dorpen. Ik had een beeld voor ogen van een schattig boemeltreintje..maar het bleek gewoon de (weliswaar magnifiek gesitueerde) spoorlijn te zijn tussen Genua en La Spezia. Je had dus te maken met de (karige) treinregeling van deze lijn. Aan het einde van de dag bleek die behoorlijk ontregeld waardoor we op een station bijna een uur hebben moeten wachten, zonder dat hierover werden geïnformeerd. Heel slecht allemaal, en behoorlijk balen als je al zo moe bent na een lange dag. Hierdoor hebben we één dorp, het grootste van de vijf Monte Rosso, maar laten schieten. In Vernazza, het meest bijzondere, hebben we nog maar snel een helemaal NIET lekkere pizza gegeten. Gelukkig hadden we voor ogen dat we 's avonds heerlijk konden aanschuiven in het hotelrestaurant..
Edoch...de deceptie hier was groot! Geen lekker eten, nog slechtere bediening. Gelukkig bleken ze ook een fout - in ons voordeel - met de rekening te hebben gemaakt, zodat we gelukkig niet al teveel hebben betaald. Het gekke, hotel Abetaia was verder heel dik in orde. Ongekend uitgebreid ontbijt, naar Italiaanse maatstaven. Overheerlijke espresso en erg behulpzame en vriendelijke bediening. Ook de kamers: pico bello, groot, modern en: gratis badslippers. Gebruiken we nu nog steeds :)
En ook..einde Italië. Op het moment van schrijven zitten we al drie dagen aan de Côte d'Azur. Ook niet verkeerd natuurlijk.
Foto's: http://www.flickr.com/photos/karenhendrix/sets/72157624814930725/
Podere Cerale
Dat was even schrikken... Omdat we erg vroeg waren reden we nog een stuk voorbij de afslag van Podere om in een van de volgende dorpjes wat te gaan kijken en eten..maar we leken al snel te belanden in een enorm industrieel gebied, midden in de Toscaanse bergen. Veel koeltorens, en veel rook boden een onwerkelijke, bizarre blik op het tot dan idyllische landschap. Achteraf begrepen we dat dit gebied (Larderello) een unicum is: hier is de aardkorst bijzonder dun (slechts 6 kilometer) waardoor het hier uitstekend geschikt is om geothermische energie op te wekken. De bergen van Larderello en Montecerboli zorgen daarmee voor een flinke hoeveelheid schone energie. Van de schrik bekomen toch maar besloten om ergens wat te gaan eten..maar we hadden er even niet op gerekend dat op het plattelandse Italië de boel gesloten is tussen 13 en 16 uur.. Dus toch maar - met lege maag en te vroeg - koers gezet naar de Podere van Jan Pieter Rondeltap en Joep Otten.
Dat bleek nog niet zo makkelijk. Dachten we wat gewend te zijn qua laatste aanrijroute (l'hameau de Burg, Podere Fragina, Antico Casal del Bosco)..deze sloeg alles. De steentjesweg duurde kilometers..en was op plaatsen enorm slecht..een aanslag voor de auto. Alvast een geruststelling dat we de komende dagen van plan waren om dicht bij huis te blijven..en nog belangrijker: 's avonds thuis te eten!
Maar goed, het laatste stukje eigen weg werd al een stuk beter en bracht ons bij het wonderschone Podere Cerale. We maakten kennis met Joep die ons rondleidde en ons de kamer (Scirocco) toewees. Heerlijke grote ruimte. Sowieso, het hele huis zag er van binnen prachtig uit, oud en zo goed als origineel, maar wat een vooral zo bijzonder maakte was de kunstrijke aankleding. Overal hingen schilderijen van Jan Pieter, de andere man des huizes die er naast een erg mooie stijl ook een enorme productiviteit op nahoudt.
Ook het land rond Podere Cerale was erg mooi. Overal staan tafeltjes en (lig)stoelen die je mag verplaatsen naar waar je maar wilt.
Ondertussen barsten we wel van de honger...aftellen naar 20 uur wanneer het avondeten geserveerd werd door Jan Pieter. Heel verstandig van ons: geen wijn drinken voor die tijd! Nou ja, eentje hebben we genomen, aangezien er vooraf nog wat toastjes werden neergezet :)
Het eten, dat is wat ons betreft wel hét hoogtepunt en daarmee ook het meest aanbevelenswaardig aan Cerale. Het begint al 's ochtends wanneer jop een zelf uitgekozen plekje het ontbijt wordt bezorgd. Ontbijt bij Podere bestaat uit een zelf gebakken brood van Joep, 3 soorten zelfgemaakte confiture van Jan Pieter, boter, Pecorino kaas en een heerlijk Bialetti expressopotje koffie. 's Middags kan er meegeluncht worden (hebben we niet gedaan) of kun je een lunchpakketje laten maken. Dit hebben we zondag laten doen vanwege een lange wandeling. Dat pakket was heerlijk, verse pruimen, tomaten, basilicum, een bol mozarella, zelfgemaakte olijfolie, - jam en - brood, frisdrank, water en een chocolade snackje. Maar alles valt in het niet bij het avondeten. Jan Pieter blijkt naast (een erg goede) schilder ook een fantastische kok te zijn. En dus eten we drie avonden op rij verrukkelijk. De Primi: (spaghetti al limone, risotto met kippenlevertjes, penne met zongedroogde tomaatjes en basilicum). De Secondi: (gehaktbrood met rauwe tomatensaus, gestoofde kalkoen met sinaasappel, gebraden rosbief met remouladesaus). De Contorni: (cipollini uitjes gestoofd in vin santo, gebakken radicchio sla, gepofte tomaten, gegrilde venkel, aubergine, paprika, courgettes gevuld met ricotta, gestoofde wortel met salie, rucola met gorgonzola en peer, en nog veel meer). O ja, en de toetjes (Toscaanse appeltaart, pannacotta met wilde pruimen, ricotta taart) - ook al zo zalig, worden bereid door dessertspecialist Joep. Afgesloten wordt er iedere avond met een espresso en een likeur (allemaal zelfgemaakt, van Limoncello tot Walnoot) of Grappa. De grappa is sowieso een verhaal apart. JP heeft meerdere soorten, en de 1e keer dat je er een besteld krijg je gelijk een proeverij van 5 voorgeschoteld die je uitgebreid moet voorzien van commentaar. Iedere avond was het eten een feest, zo lekker. NIet voor niets ook dat alle gasten geen maaltijd hebben overgeslagen. Überhaupt gezelillig om met z'n allen (rond de 14 man) aan de dis te zitten onder de toscaanse sterrenhemel. Scheelt natuurlijk ook dat het allemaal leuke gasten waren, uit Nederland en België.
De dagen op de podere hebben we vooral gebruikt om te niksen, buiten lezen in de ligstoel, veel verder kwamen we niet. Nou ja, ook een hele pittige wandeling (steil!)gemaakt naar de dichtsbijzijnde plaats, Pomarance. En de laatste dag zijn we naar Massa Maritima gereden, een betrekkelijk toeristische trekpleister op een uur rijden. Maar dat uur rijden was zo vervelend (extreem bochtig, hobbelig en grote hoogteverschillen) dat we allebei misselijk door het stadje liepen en ook weer snel terug zijn gereden. Om weer langzaam het ritueel van hangen/lezen/aperatiefje, in opmaat naar het avondeten te beginnen.
Helaas ging het snel voorbij. Jan Pieter en Joep bleken echt geweldige gastheren die zich nooit opdrongen, op de achtergrond bleven waar nodig, maar toch ook erg attentvol waren. Het verrast ons dus ook helemaal niet dat de meeste gasten die we er troffen al meerdere keren waren geweest. Wat de Podere, en het concept, betreft zouden wij het er ook langer kunnen volhouden. Maar de geografische ligging vonden wij verre van ideaal. Toch waren er gasten die Podere Cerale dag-in dag-uit gebruikten als uitvalsbasis om heel Toscane te verkennen, en die het er dus voor over hadden om geregeld autoritten te maken van 2 uur enkele reis. Daarvoor zouden wij deze plek nooit gebruiken. Maar om een weekje te luieren en culinair te genieten..daarvoor is Podere Cerale onovertroffen.
Zo snel als de reis naar Zwitersland ging..zo vreselijk verliep het deel naar Volterra. Het begon er al mee dat het lijkt alsof er aan alle wegen van Zürich gewerkt wordt..waardoor we al gelijk verkeerd reden..en dat zo een paar keer. Toen we eindelijk op de de goede snelweg zaten kwamen we daar op de linkerbaan terecht..die vervolgens door werkzaamheden splitste van de rechter..waardoor we niet eens de afslag afkonden die we moesten hebben. En zo stapelde het tijdverlies zich maar op. Ook nog eens veel te laat vertrokken, op een lege maag (ontbijt hadden we gekocht in een buurtwinkeltje, wat we gezellig zouden opeten langs de kant, onderweg). Uiteindelijk pas bij de Urisee (mooi!), en iets later voorbij de Gotthard tunnel, hebben we de eetschade ingehaald. Maar ondanks alles: wat is Zwiterland een prachtig land om doorheen te rijden!
Dat verandert als je in Italië de grens overgaat. Lelijke en slechte wegen en afschuwelijke drukte in combinatie met totaal afwijkende verkeersmores rond Milaan en Bologna maakte dit geen plezierig vervolg op een toch al niet zo prettige reisdag. Maar goed, 100% geconcentreerd blijven, waar mogelijk hard doorrijden en 5 uur lang niet stoppen maakte dat we om half zeven aankwamen in ons geliefde Volterra. Op een heel bijzondere locatie: een recentelijk tot jeugdherberg verbouwd klooster.
Snel snel omkleden en hup in de benen om heerlijk te gaan dineren in de stad. Jammer genoeg was 'ons' restaurant (waar we drie jaar geleden helemaal idolaat van waren) gesloten, maar het alternatief was ook niet verkeerd: Ombra della Sera. En wat een heerlijke wijn hadden we daar, een Senesi uit het nabijgelegen San Gimigniano, voor 14 euro..een fles waar je in de winkel 12 euro voor betaalt. Eten en drinken in Italië kan zo verrassend goedkoop zijn!
En de stad..die was net zo mooi als de vorige keer. Dat bleek vrijdag, toen we de hele dag door de Etruskisch/Romeins/Middeleeuwse stad hebben gelopen. Uiteraard niet voordat we eerst koffie hadden gedronken bij l'Incontro. En 's avonds, toen was ons restaurant Vecchio Osteria dei Poeti wel open. Begonnen met een risotto, en als secundo allebei een bieffilet variant met onder andere superlekker ingelegde uitjes als contorni. De rode Chianti Classico was goed, maar niet zo bijzonder als de witte van de avond ervoor. Natafelen met espresso en daarna Volterra by night gekeken. Blijft indrukwekkend, met name het Piazza dei Priori in het donker.
Vervolgens in de kloostergang, voor onze deur nog wat gedronken en toen naar bed.
Vrijdags op tijd op, nog even een paar uurtjes afscheid genomen van Volterra (koffie bij l'Incontro), en toen 30 kilometer zuidelijker door naar de volgende plek: Podere Cerale, voor een paar dagen rust.
De foto's: http://www.flickr.com/photos/karenhendrix/sets/72157624894621260/
Hallo en welkom op ons reislog!
Deze keer geen uitgebreid reislog a la USA 2009, maar een soortement van dagboekje voor onszelf. Om indrukken kwijt te kunnen, adressen van bijzondere culinaire ontmoetingen te noteren et cetera. Om toch een compleet beeld van de vakantie te maken zullen we proberen ook af en toe wat foto's te plaatsen.
Ciao,
Karen & Martijn
Laat je e-mail achter en ik stuur je een mailtje als ik een nieuw verhaal of nieuwe foto's op de site heb gezet.